naar top
Menu
Logo Print
Artikel - 29/11/2017

CORRECT LABELEN VOOR EEN NAADLOZE VOEDSELVEILIGHEID

Universele regels, wetgeving en autocontrole

De houdbaarheid van voedsel is beperkt. Om op elk moment steeds de volledige controle over de voedselveiligheid in uw keuken te hebben, wordt er gebruikgemaakt van voedseletiketten en de HACCP-wetgeving. Universele regels zorgen ervoor dat deze gemakkelijk toepasbaar en controleerbaar zijn. Er wordt steeds meer ervoor geopteerd om etiketten meteen met alle info te printen. Ook allergieën worden steeds belangrijker bij voedselstickers in uw keuken.

BELANG LABELING

Wetgeving

Autocontrole is een van de belangrijkste onderdelen in het beleid van het voedselagentschap FAVV. Ook op Europees niveau is er een duidelijke reglementering voorzien voor de operatoren in de voedselketen (verordening 178/2002). In België werd die uitgewerkt in het KB van 14/11/2003. Die controle gebeurt in eerste instantie door het bedrijf zelf (autocontrole).

HACCP

Het HACCP-systeem is wetenschappelijk gefundeerd en berust op een systematische aanpak. Aan de hand hiervan worden specifieke gevaren gesignaleerd en maatregelen met het oog op de voedselveiligheid vastgesteld. Door middel van HACCP (Hazard Analysis and Critical Control Points) kunnen gevaren worden beoordeeld en controlesystemen worden ingevoerd. Hier ligt de nadruk vooral op de preventie. HACCP wordt in de gehele voedselketen toegepast.

Basisvereisten

HACCP berust op zeven beginselen:

1. gevarenanalyse: het signaleren van elk gevaar;
2. vaststellen van kritische controlepunten;
3. vaststellen van kritische grenswaarden voor de kritische controlepunten;
4. vaststellen en uitvoeren van efficiënte toezichtprocedures op de kritische controlepunten;
5. vaststellen van corrigerende maatregelen wanneer blijkt dat een kritisch controlepunt niet volledig onder controle is;
6. vaststellen van uit te voeren procedures;
7. opstellen van documenten en registers.

SYSTEMEN

Traceerbaarheid in grote en kleine keukens

In de keuken moet er steeds gebruikgemaakt worden van houdbaarheidsetiketten nadat er een verpakking is geopend of er een overschot van een bereiding is. Op het houdbaarheidsetiket kan naast de naam ook de datum, in/uit koeler-vriezer, de houdbaarheid en de productomschrijving worden vermeld. Voor grotere keukens waar de voedingswaren worden bewerkt door meerdere personen, zijn er etiketten beschikbaar met voldoende plaats om de naam van de werknemer op te kunnen schrijven.

Materialen etiket

Het materiaal van het etiket hangt af van de omgeving waarin het gebruikt zal worden. Belangrijke elementen zijn: moet het etiket bevroren worden of moet het etiket achteraf makkelijk af te wassen zijn? Afhankelijk van de antwoorden, wordt het beste materiaal gekozen. Zo bestaan er etiketten die diepvriesbestendig zijn of die binnen de dertig seconden volledig (inclusief de lijm) oplosbaar zijn in water.

Beschrijfbaarheid

Etiketten zijn makkelijk beschrijfbaar. Toch wordt er steeds minder geschreven en wordt er meer gekozen om etiketten te printen. Zo bestaan er al draagbare printers waarmee je etiketten met alle informatie erop meteen kunt printen. Deze printers zijn speciaal ontworpen voor de voedingsmiddelenindustrie en zijn heel geschikt voor restaurants, catering en kantines.

Labeldispensers

Alle etikettenfabrikanten leveren pakketten aan. Velen bieden ook een basispakket aan met de standaardetiketten die u sowieso nodig heeft. De dispensers kunnen nadien moeiteloos worden bijgevuld met de aparte rollen die u kunt bestellen. Een dispenser zorgt ervoor dat u een handig overzicht heeft van de etiketten in uw keuken.

Formaten en hoeveelheden

De fabrikanten leveren standaardformaten aan (18 mm), maar de etiketten kunnen in alle formaten en groottes op maat worden gemaakt. Voedseletiketten worden meestal per 250 exemplaren op een rol geleverd, dagstickers per 500 exemplaren. Ook hier kan dat aantal in overleg worden aangepast bij de meeste producenten.

ALLERGENEN

Sinds 14 december 2014 dient elk bedrijf dat voedingswaren verwerkt te voldoen aan de allergenenwetgeving. Deze stelt dat het verplicht is om niet-voorverpakte voedingswaren van de juiste allergeneninformatie te voorzien. Het gaat hierbij om de veertien meest voorkomende allergenen: ei, vis, mosterd, sesam, pinda, sulfiet, lactose, soja, schaaldieren, weekdieren, lupine, selderij, gluten en noten.