Meer dan 8 op 10 Belgen eet minstens één keer per week vegetarisch
Plantaardige opties veroveren stilaan een vaste plek binnen foodservice

De Belgische eetgewoonten veranderen snel. Dat blijkt uit de nieuwste Veggiebarometer van de internationale non-profitorganisatie ProVeg en onderzoeksbureau iVOX. Meer dan acht op de tien Belgen eet ondertussen minstens één keer per week vegetarisch. Dagelijks vlees eten wordt alsmaar minder vanzelfsprekend. Ook op restaurant, op hotel of in lunchzaken verschuiven de verwachtingen: gasten willen meer variatie en plantaardige gerechten die even aantrekkelijk zijn als de rest van de kaart. Wat betekent dit voor foodservice?
Flexitarisch wordt stilaan de norm
Plantaardig eten zit steeds meer ingebakken in het dagelijkse eetpatroon van Belgen. Vegetarisch of vegan eten wordt minder gezien als een niche of een uitgesproken levensstijl. Veel consumenten kiezen gewoon vaker voor een maaltijd zonder vlees, zonder zichzelf daarom expliciet vegetariër of veganist te noemen. Volgens de Veggiebarometer 2026 eet 83% van de Belgen minstens één keer per week vegetarisch. Slechts 17% eet nog dagelijks vlees. Het aantal vegetariërs en veganisten verdubbelde de voorbije zes jaar van 3% naar 6%, maar vooral de groep flexitariërs is sterk aan het groeien.
Ook in foodservice veranderen de verwachtingen snel. Plantaardige gerechten schuiven steeds vaker op van een ‘extra optie’ naar een vast onderdeel van de kaart. Restaurants, hotels, cateraars en lunchzaken merken dat gasten meer keuze en variatie verwachten, ook wanneer ze niet volledig vegetarisch eten.

Plantaardig moet vooral lekker zijn
Meer vraag naar plantaardige gerechten wil ook zeggen dat consumenten kritischer worden. De lat ligt vandaag gewoon een pak hoger. Een droge groenteburger of een inspiratieloze salade overtuigt nog zelden. Gasten verwachten smaak, textuur en een aantrekkelijke presentatie. In de keuken werkt het vaak beter om vanuit de kracht van groenten, peulvruchten, granen en gefermenteerde producten te vertrekken, in plaats van vlees zo letterlijk mogelijk proberen te vervangen.
Ook comfort food werkt perfect in een plantaardige versie. Loaded fries met pulled mushrooms, wraps met falafel of crispy bloemkool, plantaardige pasta’s, veggie ramen, rijk belegde focaccia’s… Gasten blijven vooral op zoek naar herkenbare gerechten met veel smaak. Daar hoef je helemaal niet je volledige kaart voor om te gooien. Vaak volstaan een paar kleine aanpassingen al, zoals een wrap vegetarisch aanbieden, extra groentetoppings voorzien op loaded fries of een pasta zonder vlees even mooi presenteren als de klassieke versie.
Gasten zoeken meer balans en flexibiliteit
Milieu blijft de belangrijkste reden waarom Belgen vaker plantaardig eten. Daarnaast gelooft ongeveer de helft van de bevolking dat een meer plantaardig voedingspatroon ook beter is voor de gezondheid. Dat weerspiegelt zich ook in foodservice. Vooral tijdens lunchmomenten kiezen gasten vaker voor frisse, lichtere maaltijden met veel smaak. Dat betekent niet dat klassieke comfortgerechten verdwijnen. Veel consumenten wisselen gewoon vaker af – vandaag een burger, morgen een bowl of vegetarische pasta.
Opvallend daarbij is dat gasten niet per se op zoek zijn naar een volledig vegetarische kaart. Flexibiliteit en keuzevrijheid spelen vaak een grotere rol. Denk aan pasta’s waarbij ze zelf toppings kunnen kiezen, bowls die zowel met kip als falafel verkrijgbaar zijn of broodjes waarin kaas of vlees makkelijk vervangen kan worden door hummus of gegrilde groenten.
Vaak zitten de veranderingen trouwens in kleine dingen. Een havercappuccino bestellen voelt voor veel klanten ondertussen heel normaal aan. We zien ook steeds meer vegetarische lunchsuggesties en ontbijtopties met granola, havermout of yoghurtalternatieven, vooral in koffiebars en lunchzaken.
Brussel loopt voorop: daar eet 88% van de inwoners minstens één vegetarische maaltijd per week. In Vlaanderen ligt dat aandeel op 84%, in Wallonië op 79%
Veel consumenten zijn nog zoekende
De Veggiebarometer 2026 toont ook dat veel Belgen nog zoekende zijn: 44% zegt onvoldoende vertrouwd te zijn met de plantaardige keuken. Dat merk je ook in foodservice. Veel consumenten willen wel vaker vegetarisch eten, maar twijfelen soms nog over de smaak, de mate van verzadiging of gewoon over wat ze precies moeten kiezen.
Foodservice kan daarin een grote rol spelen. Veel gasten proeven hun eerste echt geslaagde plantaardige gerecht op restaurant, tijdens de lunch of onderweg. Plantaardige opties ergens onderaan de kaart verstoppen helpt daarbij niet echt. Een goede omschrijving, een zichtbare plek tussen de suggesties of een enthousiaste aanbeveling van medewerkers kunnen de drempel verlagen voor gasten die nog twijfelen om het eens te proberen.
Steden en jongeren lopen voorop
De cijfers uit de Veggiebarometer 2026 tonen duidelijke regionale verschillen. Brussel loopt voorop: daar eet 88% van de inwoners minstens één vegetarische maaltijd per week. In Vlaanderen ligt dat aandeel op 84%, in Wallonië op 79%. Ook plantaardige alternatieven zijn populairder in Brussel dan in andere provincies.
Voor foodservice betekent dat vooral dat context belangrijk blijft. Een uitgesproken plantaardig aanbod slaat niet overal even sterk aan. In steden en bij jongere doelgroepen liggen de verwachtingen vaak hoger dan elders.
Dat wil niet zeggen dat plantaardig enkel in steden leeft. Alleen liggen de verwachtingen soms anders. Jongere gasten staan vaak meer open voor nieuwe smaken, flexitarisch eten en alternatieve eiwitten. Koffiebars, lunchspots en fastcasualzaken voelen die verschuiving meestal het snelst.
Een volledig plantaardige kaart is daarom ook niet overal nodig. In veel zaken werken herkenbare flexitarische gerechten net het best, zoals klassiekers met meer groenten, minder vlees of een slimme vegetarische twist.
Meer veggie, zonder je kaart om te gooien
De voornaamste conclusie van de Veggiebarometer 2026 is dat consumenten meer afwisseling willen. De meeste Belgen worden niet van de ene dag op de andere veganist, maar kiezen wel vaker bewust voor een maaltijd zonder vlees.
Voor foodservice hoeft dat geen grote ommezwaai te betekenen. Vaak volstaan een paar slimme toevoegingen op de kaart al. Een sterk vegetarisch lunchgerecht, een goede veggie snack of een plantaardig ontbijt kan veel gasten al overtuigen.
Voor veel consumenten hoort een goed plantaardig gerecht vandaag gewoon bij een gevarieerde kaart. Als je daarop inspeelt, kan je gasten verrassen met meer variatie, zonder het vertrouwde los te laten.
Bron: Veggiebarometer 2026 van ProVeg en iVOX, met de steun van Bel Group